Eyewitness

 

Het album waar ik het minst mee heb (en dat gaat volgens mij voor zo'n beetje alle (ex-)Kayakleden op), is 'Eyewitness'. Het moest een live album voorstellen, en is dat misschien letterlijk gesproken wel geworden. Muzikaal is er weinig mis mee, alleen ontbreekt er iets essentieels: er was even geen publiek bij.

 

De reden waarom we de plaat opnamen, was om het contract dat we met Phonogram hadden, netjes af te maken. De band lag feitelijk al uit elkaar, Max was inmiddels een solocarriere begonnen als zanger (hoewel hij nog geen drie jaar eerder gedecideerd had laten weten die functie bij Kayak absoluut nooit meer te willen uitoefenen), en voor de rest kwamen we, zeg maar, niet meer echt vrijwillig op elkaars verjaardag. Achteraf denk ik dat we rustig uit elkaar hadden kunnen gaan zonder dit album te hoeven maken, maar dit speelde in de periode dat we onze manager nog af en toe geloofden, dus we deden onze plicht- bovendien, we hadden nog nooit een live album gemaakt, en het zou misschien toch een aardige afsluiter kunnen zijn.

 

De groep was echter al teveel verdeeld om er nog een verantwoorde tournee mee te kunnen organiseren; die puf had niemand eigenlijk meer. Dus kozen we de makkelijkste oplossing: we stelden de apparatuur op in Wisseloord Studio 1 en deden ons ding. We speelden de gehele setlist, met een minimaal aantal overdubs (OK, de zang is wel in zijn geheel overnieuw gegaan) en de plaat klonk ook inderdaad zoals we toen live klonken. Om het album nog wat interessanter te maken namen we er ook wat nieuwe nummers bij op: 'Eyewitness', 'Who's Fooling Who' en 'Only You and I Know'. Een vierde nummer was nog niet helemaal af, hetgeen ook zo bleef, en dat gebruikte ik daarom maar voor mijn solo-poging van enige tijd later genaamd The Plan : 'If This Ain't Love'- in feite dus het laatste nummer dat Kayak opnam voor de breuk in 1981.

 

Een weekend daarna werd de fanclub uitgenodigd om hand- en spandiensten te verlenen: zonder publiek, hadden we al in de gaten, klinkt er namelijk geen applaus, en dat is toch essentieel voor een live album. Zo kwamen er dus een mannetje of 100 de studio in, draaiden we de opnames op grote speakers voor hen af en moedigden we de fans aan zo enthousiast mogelijk te doen, alsof ze aanwezig waren bij een concert van Kayak. Dat lukte aardig, wat mij betreft op het overdrevene af: met elk nummer werd luidruchtig in de maat meegeklapt- iets wat in werkelijkheid zelden op die manier gebeurde. We combineerden bij het mixen de echte-fans-geluiden met ander reeds bestaand applaus en gejuich (ik meen ook van een live opname van Peter Koelewijn- nog bedankt, Peter) omdat zelfs goedwillende klappers in de studio niet de ambiance van een echt optreden kunnen waarmaken, en ziedaar, 'Eyewitness' was compleet. Ik heb er nooit meer naar kunnen luisteren- zo verschrikkelijk nep, zo onecht. Ik heb er zowiezo al vrij veel moeite mee om mijn eigen werk aan te horen, zeker de eerste tijd na het voltooien ervan, maar dit heb ik echt nooit meer gedraaid.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Midden jaren negentig werd ik benaderd door Hans van Vuuren van Pseudonym Records, met de vraag of zijn label 'Merlin' en 'Eyewitness' mocht uitbrengen op CD. Dat leek me een goed plan, ook omdat die nog niet op dat op dat moment redelijk nieuwe medium waren verschenen. Mijn enige bedenking betrof uiteraard 'Eyewitness': ik wilde dat wel eerst nog eens even beluisteren. Toen ik daartoe mijn archief doorspitte, stuitte ik tot mijn stomme verbazing op de originele tapes van de nummers, dus zonder toegevoegd applaus. Ik wist niet eens dat ik die had. Probleem opgelost: dat werd dus de CD-versie van het zogenaamde live album uit 1981.

 

Om het nog iets interessanter te maken voor potentiele kopers voegden we het nummer 'The Car Enchanters' toe, een bewerking van het Merlin stuk ‘The King's Enchanter’. Destijds kreeg Kayak van verffabrikant Sikkens de vraag of ze, als cadeautje voor het personeel, een speciaal op die tak van sport gerichte single van ons mochten uitbrengen. We pasten de tekst dus aan aan het onderwerp onder het motto: u vraagt, wij draaien (zolang u maar betaalt) en nu handelt deze over schitterende autolakken. Wel iets anders dan een mini-drama over de tanende glorie van een vroeg-middeleeuwse tovenaar, maar men begrijpt, de schoorsteen van Kayak moet ook roken.

 

Tot slot wierp ik mezelf nog even op een remake van het ooit als b-kant van 'Ruthless Queen' verschenen instrumentale nummer 'Ivory Dance' om het als bonus track op de CD te laten zetten. Dit werkje was destijds- op de sleighbells van Max Werner na- toch ook al geen groepsinspanning geweest, dus kon ik het in mijn eentje zeker nog wel een keer doen.

Tot zover de geschiedenis van 'Eyewitness', de zwanezang van de eerste editie van Kayak. Was het daarna meteen ook afgelopen? Ja en nee. Manager Frits Hirschland was in 1981 ook naar de MIDEM geweest (dat is een jaarlijkse grote bijeenkomst van de internationale muziekindustrie in Zuid-Frankrijk) en had daar het album 'Merlin' aan een Italiaanse maatschappij verkocht. Of we daar heen wilden om promotie te doen, luidde dus het verzoek. Graag, maar er was wel een klein probleem: er was toevallig geen groep meer- althans, geen Kayak. Johan Slager en ik waren weliswaar voorzichtig begonnen met een nieuw project, later Europe geheten, maar dat stond toen nog in de kinderschoenen. Hans Philippo zou daarbij mogelijk gaan zingen. Om een lang verhaal kort te maken: met Hans als stand-in voor Edward Reekers en Ab Tamboer (bekend van Earth & Fire en Het Goede Doel) vermomd als Max Werner reisden we  af naar Rome, alwaar we 'Merlin' playbackten in een popprogramma. In de lange versie, dat dan weer wel. Maar eerlijk gezegd: het was een nogal genante vertoning- vooral als je wist hoe de band echt in elkaar zat, bedoel ik.

 

De Italianen moeten toch op een gegeven moment vermoed hebben dat er iets niet in de haak was met hun gasten: tijdens een etentje in een restaurant kwam de platenmaatschappij vlak voor het toetje met de vraag of we, ter verhoging van de algemene feestvreugde, iets van Kayak wilden zingen en spelen- er was immers een gitaar aanwezig in het pand dus ja waarom niet? Nou, wij wisten wel waarom niet. Zanger Hans kende namelijk behalve het door hem louter voor de televisie ingestudeerde 'Merlin' geen enkel Kayak-nummer. Om toch maar iets van Kayak te doen pakte ik de gitaar en zette ik  ‘Love’s Aglow’ in (de eerste en laatste keer dat dit nummer ooit live ten gehore is gebracht) maar iedereen die mij en dit lied kent zal begrijpen dat deze actie niet meteen tot een woeste polonaise rond de tafel leidde. Ook de pogingen van de maatschappij tijdens de koffie om misschien eens iets af te spreken over een tournee in Italie leverden bij ons slechts opvallend lauwe en ontwijkende reacties op- wij hadden namelijk in het geheel niet de intentie om zoiets te gaan doen, maar konden dat in die situatie moeilijk zeggen. Kortom, de pijnlijke momenten wisselden elkaar in hoog tempo af.

 

Hirschland probeerde de zaak uiteindelijk nog te redden door onze Italiaanse gastheren af te leiden en het volledige gezelschap te trakteren op een van zijn befaamde "op-tafel-staan-en-broek-uit"-acts, maar of het veel geholpen heeft betwijfel ik. In Nederland kende men onze manager, en daar keek niemand er in de platenwereld nog van op, maar Italianen zijn het aan tafel toch wel anders gewend: daar mag je niet eens je spaghetti snijden, laat staan als gast op tafel klimmen en je broek laten zakken. Hoe dan ook, het was leuk hoor, twee dagen Rome met Kayak, maar al met al wel vrij zinloos. Wil je dus doorbreken in Italie: laat nooit je broek zakken boven tafel en snij al helemaal je spaghetti niet fijn!


Ton