Kayakoustic

 

Afgelopen week hebben we, zoals de meeste mensen die de Kayak-website regelmatig bezoeken wel zullen vermoeden, gerepeteerd voor de komende semi-akoestische tour. Een bijzondere onderneming, dat is zeker. Het is in ieder geval heel wat anders dan onze laatste tour, de rockopera ‘Nostradamus – The Fate of Man’. Het is eigenlijk alles wat die rockopera niet was: terug naar de basics, de liedjes. Dus zonder poespas, toeters of bellen, zonder aankleding of decor, gewoon een bandje op zoek naar waar het ook al weer om begonnen was: het spelen van de muziek zelf.De repetities vonden plaats in Harderwijk, Park 3. In deze leuke zaal, waar we ook voor ‘Nostradamus’ al zo prettig hadden gerepeteerd, zullen we op 30 september terugkomen voor een optreden. Nu, na vijf dagen oefenen en zweten, beginnen de nummers langzamerhand te ‘zitten’. Maar iedereen in het vak weet: je kunt repeteren tot je een ons weegt, live moet het gebeuren. En een concert telt in dat opzicht dan ook voor vijf repetiedagen.

 

Het oorspronkelijke plan was ook om nieuwe nummers te gaan doen. Dat is er niet van gekomen. Sorry, maar we bewaren ze nog eventjes. Het leek ons, ook gezien de beperkte voorbereidingstijd (een chronisch maar onvermijdelijk euvel bij deze band) beter om ons te concentreren op ouder materiaal, waaronder een flink aantal nummers die we live zelfs nog nooit hadden gedaan. Daarbij komt, dat voor een heleboel toehoorders een groot deel van het repertoire toch al nieuw zal klinken. We moesten daarbij kiezen uit een gigantische lijst, ik meen iets van 120 of meer nummers (ik ben inmiddels de tel kwijt geraakt), die we in de loop ter jaren hebben opgenomen. Mede met behulp van een aantal enthousiaste fans hebben we een keuze gemaakt, maar die zou, eerlijk is eerlijk, morgen evengoed weer totaal anders kunnen uitpakken. De moeilijkheid zit hem voor ons hierin, dat we nu nog niet precies weten hoe die liedjes in de semi-akoestische setting, zoals we van start gaan, over zullen komen. We zullen misschien wel net zo verrast zijn als het publiek, denk ik. We gaan het meemaken.

 

Omdat het idee om met een begeleidende video de theaters in te gaan voorlopig even is komen te vervallen (twee of drie theaters is gewoon niet genoeg om dat goed te kunnen prepareren), combineren we nu een (semi-)akoestische met een elektrische set: we beginnen klein, om uiteindelijk toch weer stevig uit te pakken tegen het slot. En dat akoestische moet dan ook niet al te letterlijk genomen worden: als er tenslotte al een microfoon aan te pas komt, is het immers niet meer echt un-plugged. Rob Vunderink, altijd goed voor een komische noot, merkte deze week tijdens een discussie hierover op dat hij nog nooit zoveel snoeren en pluggen had gezien als bij ‘unplugged’ concerten. En praktisch bekeken: bijna nergens heb ik de beschikking over een echte piano of een vleugel, dus ja, dan rest alleen maar het keyboard. We gebruiken verder wel aparte instrumenten, zoals blokfluit, akkordeon, cajon, contrabas, wat percussie en zelfs een kazoo, waarop Edward, ik mag wel zeggen, excelleert.

 

Ach, wat maakt het allemaal uit. We proberen gewoon een zo gevarieerd mogelijke show te maken, waarin we zo sterk mogelijk de nadruk leggen op onze vocale mogelijkheden, met Edward, Cindy en Rob. Wat een trio. En wat een luxe om met deze vocale geweldenaren te mogen werken. En dan Pim, die zichzelf als drummer herontdekt (hij kan wel degelijk zachtjes slaan, zo blijkt na al die jaren!). En natuurlijk bassist Jan en gitarist Joost, twee formidabele muzikanten.

 

We hebben deze week veel meer als groep gewerkt dan ik me uit onze geschiedenis kan heugen: iedereen deed zijn duit in het zakje, in plaats van klakkeloos na te spelen of te zingen wat ik ze vroeg. Nu ben ik daar zelf, wat ervaring rijker, ook wel een stuk makkelijker in geworden: het kwam vroeger zelfs niet eens in me op om bijvoorbeeld een liedje te transponeren als dat toch duidelijk te hoog was voor de zanger. Nu staat ongeveer de helft van het repertoire in een andere toonsoort dan de oorspronkelijke.Het is, dat zal opgevallen zijn, geen uitgebreide tour geworden. We waren ten eerste al te laat met deze plannen om de theaters nog in te kunnen (daarvoor moet je een jaar eerder al klaar zijn). Ten tweede kwam de afloop van onze samenwerking met Bert Heerink onverwacht.

 

We hadden hem graag nog als Nostradamus bij ons gehad om het project mooi af te ronden. Een derde reden is dat we de komende concertserie zelf voornamelijk zien als een interessante overbrugging naar volgend jaar, waarvoor langzamerhand de plannetjes beginnen vorm te krijgen. Voeg daarbij dat iedereen nog allerlei andere dingen te doen heeft. Verder heeft Nostradamus van ons zoveel gevergd, dat een jaartje zonder nieuwigheden gewoon onvermijdelijk, en dus ook beter voor iedereen was. We hebben als groep de laatste jaren toch al een onwaarschijnlijke productiviteit aan de dag gelegd, iets waarvan ik me afvraag of iedereen dat wel beseft.

 

Wellicht tot ziens bij één van de concerten. Nog even daarover: we hebben ons als groep de laatste jaren niet wars getoond van een experiment; we hopen dat het publiek ook nu weer met ons mee kan gaan. Een foutje hier of daar, een muzikaal misverstand, wat wegwaaiende bladmuziek, het hoort er voorlopig nog wel even bij. Laat het dan   allemaal nog niet perfect zijn: saai wordt het zeker niet!

 

Ton